Concilium 2001/1
God: ervaring en geheim
Inleiding
Werner G. Jeanrond en Christoph Theobald
Sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw heeft de opvatting van God naar gelang van de context binnen het christendom een aantal ingrijpende veranderingen ondergaan. Politieke theologie, radicale theologie, bevrijdingstheologie, feministische theologie, ecologische theologie, homo- en lesbo-theologie, contextuele theologie, postkoloniale theologie en andere emancipatorische theologische benaderingen ze hebben er allemaal aanspraak op gemaakt nieuwe inzichten te verschaffen in Gods verborgen aanwezigheid in onze wereld. Ten gevolge daarvan zijn de beelden van, en ideeën over God veranderd. Er zijn vragen gesteld bij de traditionele eigenschappen van God (bijvoorbeeld zijn almacht, zijn onvermogen te lijden, zijn bestaan in zichzelf), en de idee van God als drie-eenheid is op verschillende manieren opnieuw geïnterpreteerd. In diezelfde tijd zijn er pogingen ondernomen om enkele aspecten van de apofatische en mystieke theologieën uit het verleden te herontdekken, nu in een kritisch verband met het postmoderne filosofische denken en de hedendaagse religieuze ervaring. Bovendien hebben ervaringen met de interreligieuze ontmoeting en de voortgaande interreligieuze dialoog bijgedragen aan een ander denken over, en andere beelden van Gods aanwezigheid in onze wereld, en een stimulans gegeven aan de discussie over traditionele manieren om over God te spreken in min of meer exclusivistische en statische termen.
Deze nieuwe uitgangspunten in het denken over God hebben ook geleid tot vernieuwde aandacht voor de bijbelse godsopvatting. Traditionele bijbelse theologieën hebben hun vanzelfsprekendheid verloren, en er is een behoefte ontstaan aan nieuwe, meer kritische bijbelse theologieën. Ook belangrijke teksten uit de christelijke tradities zijn opnieuw getoetst aan de mogelijkheid eventuele alternatieve wegen te wijzen tot godservaring en tot het denken over het goddelijk geheim.
In deze aflevering van Concilium worden enkele recente vormen van een nieuw denken over de christelijke ervaring onderzocht op hun nieuwe karakter, hun methodologisch profiel en hun geschiktheid om [6] het christelijk geloof aan het begin van het nieuwe millennium te vernieuwen.
In de eerste plaats worden enkele hedendaagse belevingen van God beschreven en beoordeeld om greep te krijgen op sommige van de veranderende opvattingen over het goddelijke mysterie tussen enerzijds de toenemende mondialisering en anderzijds een groeiende regionalisering. Vervolgens worden christelijke tradities in het denken over God, binnen de Bijbel en na de Bijbel, aan een nieuw onderzoek onderworpen met het oog op de hedendaagse veranderingen, en andersom. Ten slotte worden het begrip openbaring en de waarheidsstatus van deze recente belevingen van God onderzocht, en komt de hermeneutische vraag aan de orde, hoe de christelijke opvatting van God het beste kan worden beschermd tegen fundamentalistische claims enerzijds en traditionalistische en relativistische claims anderzijds.
De redacteuren willen Seán Freyne en Giuseppe Ruggieri bedanken voor hun waardevolle bijdragen bij het voorbereiden van dit nummer.
Uit het Engels vertaald door T. van der Stap
terug naar Concilium / Nederlands of Concilium Hauptseite