Verklaring
naar aanleiding van de gebeurtenissen in New York en Washington DC op 11 september 2001
De vier vliegtuigkapingen, de vernietiging van het Wereldhandelscentrum en de aanval op het Pentagon op 11 september 2001 hebben wereldwijd een schok veroorzaakt. Dat gevoel wordt ook gedeeld door de leden van Concilium, ongeacht de mate waarin zij persoonlijk of hun familieleden getroffen zijn door de ramp. Wij zijn geschokt door de zesduizend doden, van wie velen in hevige pijn zijn gestorven. Wij treuren met de gewonden, met de nabestaanden en met allen wier hoop op een betere toekomst de bodem werd ingeslagen. Nu echter, een paar maanden later, heeft de tijd van afschuw plaats gemaakt voor een tijd van reflectie. In de afgelopen tijd is vaak gezegd dat de wereld anders is geworden. Het is onze taak ervoor te zorgen dat die uitspraak geen leeg of bedrieglijk cliché wordt.
Al meer dan veertig jaar ziet het tijdschrift Concilium zichzelf als een theologische onderneming met een internationale blik en met leden die actief zijn in alle delen van de wereld. De laatste twee afleveringen van het tijdschrift zijn dan ook gewijd (geweest) aan de kwestie van een wereldomspannende ethiek en het twijfelachtige verschijnsel van mondialisering. Gelet op de hierboven genoemde gebeurtenissen vestigen wij als wereldwijde gemeenschap van katholieke theologen graag de aandacht op de volgende gezichtspunten.
1 Mannen en vrouwen die geïnspireerd zijn door hun christelijk geloof, zijn bezorgd om het welzijn en het heil van de wereld en de volkeren tegenover alle mogelijke vormen van vernietiging. Zij zijn bezorgd over de overtuigingen en de structuren die gerechtigheid en ongerechtigheid kunnen bevorderen, die ofwel aanmoedigen tot wederzijds respect ofwel tot gewelddadige minachting voor alles wat als anders dan de eigen groep wordt aangemerkt. Zij zijn betrokken bij de opbouw van menselijke relaties op basis van gelijkheid, met vrede en verzoening als oogmerk. Alleen als wij samenwerken in deze en andere maatschappelijke en wereldwijde kwesties, kan er hoop bestaan op een betere toekomst.
2 De ramp van 11 september mag ons niet het zicht ontnemen op de stille tragedies en catastrofen die dagelijks onopgemerkt door bijna alle media van de wereld plaatsvinden in Afrika, Azië en Latijns Amerika. De aanvallen op New York en Washington zijn een mediagebeurtenis geworden waarin fictie en werkelijkheid op een dramatische manier vermengd zijn, terwijl tegelijkertijd tienduizenden iedere dag de dood vinden terwijl de wereld van hen geen weet heeft of hen al snel vergeten is. Alleen zij die strijden tegen deze eenzijdige vergeetachtigheid, verdienen dat hun woede over deze nieuwe vorm van het kwaad die zich aandient in het als werktuig gebruiken van een groep onschuldige vliegtuigpassagiers om een andere groep onschuldige burgers te doden serieus genomen zal worden.
3 De afschuw over de terreur moet worden verstaan als een verlangen naar vrede, en moet omgezet worden in daadwerkelijk handelen voor vrede. Hierbij mag niet uit het oog verloren worden dat de financiële en technische welvaart en macht van het Westen tegen een hoge prijs is bereikt. De armoede van vele gebieden in de wereld is nog altijd onvoorstelbaar. De door de politiek niet beheerste geldstromen die de wereld over gaan, spelen vaak een destabiliserende rol in vele landen. De onderdrukking of corruptie van wettige politieke oppositie in veel ontwikkelingslanden wordt geaccepteerd door de grote internationale machten en instellingen als het Internationaal Monetair Fonds bij hun onderhandelingen met deze landen. De wereld kan alleen veranderen als deze dubbele standaard wordt erkend, en vervolgens wordt tegengegaan in een krachtige poging om de wereldwijde werkelijkheid van ongelijkheid en maatschappelijke ongerechtigheid te boven te komen.
4 Zoals in vergelijkbare situaties heeft zich ook na deze afschuwelijke gebeurtenissen in veel landen een onmiskenbare ontwikkeling voorgedaan waarbij hele groepen, zelfs volken en culturen worden onderverdeeld in goed en kwaad. Door dat te doen rechtvaardigt men een mechanisme van blinde wraak. Kwaad moet nog altijd als kwaad aangemerkt worden, en de specifieke politieke omstandigheden die geacht worden te hebben bijgedragen aan de huidige gebeurtenissen, moeten ook overwonnen worden. Maar categorische scheiding van de wereld in goed en kwaad is een gevaarlijke en volstrekt onaanvaardbare verleiding, ongeacht van welke kant die verdeling wordt gemaakt. In het bijzonder moeten wij benadrukken dat ook de Islam, als alle andere religies, terrorisme veroordeelt.
5 In een wereldwijd perspectief is er voor de religies een onontbeerlijke rol weggelegd met het oog op de toekomst van de mensheid. Alle brengen zij visioenen van vrede en gerechtigheid naar voren. Zij zijn in staat en op dit moment vastbesloten tegen de stroom van toenemende haat en gewelddadigheid in te zwemmen. Samen met alle mensen van goede wil kiezen zij vóór alles de weg van rechtvaardigheid en verzoening. Niettemin is het een betreurenswaardige werkelijkheid dat de religies het hebben laten gebeuren dat zij worden misbruikt voor egoïstische en dogmatische doeleinden, voor ontmenselijkende ideologieën, zelfs voor vernietiging. In haar ware wortels echter is de monotheïstische idee, de idee van één ware God, niet bedoeld om scheiding te brengen tussen gelovigen en ongelovigen of vijanden, maar om een visioen van vrede te openbaren. Zij is gericht op de erkenning van alle vrouwen en mannen als kinderen van God. De opdracht van theologen en religieuze mensen is alle gewelddadige en ontmenselijkende stromingen te ontmaskeren die in hun eigen religieuze tradities zouden kunnen bestaan. Zij dienen ook samen te werken met andere krachten en bewegingen die strijden voor meer vrede en gerechtigheid. Zo kunnen zij ervoor zorgen dat de huidige gijzelaars van de mensheid zij die lijden onder honger en geweld, bezitloosheid en ballingschap, burgeroorlog en onderdrukking geleidelijk uit hun kerkers worden bevrijd.
6 Velen van ons hebben in hun internationale, intercontinentale en in toenemende mate interreligieuze samenwerking positieve en bevrijdende ervaringen opgedaan. Daarom roepen wij alle christenen op met alle hun ter beschikking staande middelen banden van solidariteit, vrede en verzoening te smeden. Zij die in rijke landen wonen, hebben een bijzondere verplichting onrecht in de wereld op te zoeken, ertegen te protesteren en het stap voor stap te overwinnen. In een tijd waarin het de eerste neiging van regeringen is hun aandacht alleen te richten op de veiligheid van hun eigen politieke systeem, hun economie en hun burgers, moeten christenen hun politiek leiders erop wijzen dat de kosten voor deze extra veiligheid niet in mindering gebracht mogen worden op de beperkte bedragen die apart gehouden worden om de armen en onderdrukten van de wereld te voeden en hun gerechtigheid te verschaffen. Eerder dan campagnes vanuit kortzichtige visies moet er nu een nieuwe, waarlijk mondiale beweging opstaan die de verschillende continenten en culturen met elkaar verbindt in een streven naar gerechtigheid en wederzijds respect. Alleen deze benadering biedt werkelijk kans op het overwinnen van het huidige en toekomstig terrorisme en het voeden van duurzame veiligheid.
Oprichters, stichtingsbestuur en directeuren van Concilium